Regio Zuidoost-Nederland zet succesvolle aanpak lerarentekort voort

30 januari 2018

Op maandag 29 januari presenteerde regio Zuidoost-Nederland in Eindhoven de resultaten én toekomstplannen voor een regionale aanpak van het (bètatechnisch) lerarentekort. De aanwezige OCW-ministers Slob en Van Engelshoven namen de plannen voor meer circulaire carrières in het onderwijs, samen met een aantal aanbevelingen van de regio, in ontvangst en zegden hun steun voor de regionale aanpak toe.

Op de drukbezochte bijeenkomst waren vertegenwoordigers van het onderwijs, bedrijfsleven, regionale overheid, lerarenopleidingen en verschillende ministeries aanwezig. Naast de ervaringen uit de pilot kregen zij ook de uitkomsten van het onderwijsdrijfverenonderzoek gepresenteerd. Uit dat onderzoek blijkt dat 40% van de niet-leraren interesse heeft om les te geven, maar niet altijd fulltime en voor de rest van hun werkzame leven.

Drijfveren voor leraarschap
Twee van die overwegers, Loek ten Bosch en Marcel van Hest, waren aanwezig om vragen van gelegenheidsinterviewer minister Slob te beantwoorden. Beiden lichten hun interesse en motivatie voor het onderwijs toe. Ze gaven aan het leraarschap graag te willen combineren met hun huidige baan en op zoek te zijn naar mogelijkheden om dit vorm te geven, bijvoorbeeld door het onderwijs laagdrempelig uit te proberen. De aanwezige schoolleiders en onderwijsbestuurders reageerden enthousiast op deze oproep en werden door minister Slob vakkundig aan de overwegers gekoppeld.

Zijn collegaminister Van Engelshoven besprak samen met vier andere panelleden welke aanknopingspunten de geleerde lessen in Zuidoost-Nederland bieden om circulaire carrières in het onderwijs meer te stimuleren. “Om circulaire carrières mogelijk te maken hoeven we geen lange nota’s te schrijven, dat is gewoon een kwestie van doen”, stelde de minister.

Regionale vervolgaanpak
Die handschoen pakten de regionale partners direct op: uit handen van Gerard Lenssen, directeur van de Pedagogisch Technische Hogeschool Fontys, ontvingen beide ministers de regionale aanpak met concrete vervolgstappen voor de toekomst, vergezeld van vier aanbevelingen:

  1. Stimuleer en faciliteer de ontwikkeling van hybride routes naar het leraarschap.
  2. Maak regels rond bekwaamheids- en bevoegdheidseisen flexibeler voor het vmbo (beroepsgerichte vakken) en mbo en geef ruimte voor meer differentiatie in rollen; zonder in te leveren op kwaliteit van het onderwijs.
  3. Stimuleer de regio gezamenlijk te komen tot een regionale meerjarige aanpak tussen vmbo, mbo, lerarenopleidingen en bedrijven, zowel voor het lerarentekort als voor professionalisering.
  4. Bundel subsidieregelingen voor het opleiden en professionaliseren van (aankomende) docenten in één regeling als impuls voor regionale aanpakken.


De aanwezigheid van beide bewindslieden toonde volgens minister Slob aan dat ze dit thema zeer serieus nemen: “Het staat niet in het regeerakkoord maar het lerarentekort is wel heel belangrijk.” Daarom gaven Slob en Van Engelshoven aan goed naar deze aanbevelingen te kijken en de regio te willen helpen de aanpak door te zetten.

Foto: Giel Dalessi